Start.nl - deel 1

Word list: A-Z

Here you find a complete word list with the English translation, context sentences and audio fragments. This list contains the words of the vocabulary lists in the book and is in alphabetical order.
  

Word list - I
 

idee, het (7)
idea, the
Dat is een goed idee!

ieder (2)
every
Ik studeer iedere dag.

iedereen (2)
everybody
Iedereen in Nederland kan fietsen.

iemand (3)
somebody
Ken je iemand die me kan helpen?

iets (7)
something
Heb je nog iets gekocht?

ijs, het (5)
ice cream, the
In de zomer eet ik graag ijs.

ijsje, het (8)
ice cream
Mag ik een ijsje?

ijverig (3)
diligent
Deze student is heel ijverig.

ik (1)
I
Ik heet Wim.

inchecken (6)
to check in
U kunt bij de receptie inchecken.

informatie, de (6)
information, the
Bedankt voor de informatie!

ingang, de (5)
entrance, the
Bij de ingang kun je een kaartje kopen.

inpakken (6)
to pack
Ik pak mijn boeken in, want ik ga verhuizen.

insmeren (8)
to grease / to rub on
Smeer je maar goed in. Anders word je rood.

instappen (6)
to get in
U kunt voor in de bus instappen.

insteken (6)
to put in
Steek uw kaart in en toets uw pincode in.

instructie, de (6)
instructions, the
Je moet eerst de instructies lezen. Dan weet je hoe het moet.

intelligent (4)
intelligent
Ze is erg intelligent en weet alles.

interessant (9)
interesting
Dat is een heel interessante expositie.

invoeren (6)
to enter
Voer uw kaart in en toets uw pincode in.

irritant (4)
irritating
Ik vind deze muziek een beetje irritant.

irriteren (8)
to irritate
Onze buren irriteren ons erg; ze zijn niet sociaal.

Italiƫ (1)
Italy
In Italiƫ maken ze de beste pasta.