Uitwerking
1 Ik heb er schoon genoeg van. Het zit me tot hier!
2 Prima, dan kom ik op 12 november naar je toe. Het staat genoteerd.
3 Sinds de scheiding staat ze er helemaal alleen voor.
4 O nee, alle papieren liggen door elkaar! Nu kan ik niets meer vinden.
5 Er zit me iets dwars. Kan ik je even spreken?
6 Hij begint bijna met zijn studie, maar hij heeft geen idee wat hem allemaal te wachten staat.
7 Het zit er dik in dat we de wedstrijd gaan winnen, want we zijn in topvorm!
8 Beverwijk ligt ten noorden van Haarlem.
9 We liggen op schema. We zijn dus om 17.00 uur klaar, zoals verwacht.
10 Zijn kat is overleden en hij heeft zijn examens niet gehaald. Het zit hem niet mee de laatste tijd.
11 Ik heb een nieuwe functie en sta nu aan het hoofd van de afdeling.
12 Als het aan mij ligt, gaan we naar huis. Ik heb het wel gezien hier.