Uitwerking
1 Ik kan je niet verstaan, omdat er veel lawaai is.
2 Als u meer informatie wilt, kunt u op de website kijken.
3 Zodra ik meer weet, bel ik je.
4 Aangezien het erg mistig is, wordt de vlucht gecanceld.
5 Zolang hij zich goed voelt, blijft mijn vader werken.
6 Nu ik beter slaap, heb ik weer genoeg energie.
7 Naarmate er meer kinderen in deze wijk wonen, moeten er ook meer scholen komen.
8 Zijn ouders betalen zijn nieuwe schoenen, tenzij ze meer dan honderd euro kosten.
9 Voordat het pauze is, doen we nog één spreekopdracht.
10 Ik hoop niet dat het morgen regent.